De eerste veiling van de Global Dairy Trade (GDT) in april is licht hoger geëindigd dan de voorgaande veildag. Toen bleef het gemiddelde stabiel, nu is er een plus van 1,1%. Net als de vorige keer was er onderhuids wel veel beweging. Deze keer vaker in de tegengestelde richting dan twee weken geleden.
De vele, zo op het oog moeilijk verklaarbare prijsbewegingen van individuele zuivelproducten maken het moeilijk om een lijn uit de Global Dairy Trade te halen. De gemiddelde boterprijs ging twee weken terug omhoog, en dit keer omlaag, terwijl boterolie (AMF) toen daalde in prijs en nu weer aantrekt. Sommige prijsveranderingen lijken ook correcties op te grote prijsschommelingen bij de vorige veiling, zoals bij mozzarella.
{{dataviewSnapshot(46_1743521326)}}
Toch was er bij sommige producten ook een consistenter lijn te ontdekken. Opvallend was dat magere melkpoeder ditmaal behoorlijk in prijs aantrok. Met een gemiddelde prijsstijging van bijna 6% was dit nu het product met de grootste plus.
Opmerkelijk genoeg deed Europees product bijna niet mee in deze rally omhoog. Nieuw-Zeelandse magere melkpoeder noteert nu dan ook zo'n €200 per ton hoger. Volle melkpoeder noteert een klein plusje. Nieuw-Zeelands product is nog wel bijna €600 goedkoper dan Europees product. Nog een opvallend verschil is te zien bij AMF. Terwijl het op de GDT weggaat voor ruwweg €6.200 per ton, wordt het in Noordwest-Europa voor zo'n €9.000 verhandeld. In tegenstelling tot mozzarella, houdt cheddar de opgaande lijn van de vorige veiling wel vast.
Met 19.643 ton is het verhandelde volume weer bijna 2.000 ton kleiner dan vorige keer. Het is goed te merken dat het aanbod vanuit Nieuw-Zeeland afneemt.